Economische en financiële bevoegdheden

Op deze pagina

    Begrippen 

    Doel van de economische en financiële informatie 

    De economische en financiële informatie die door het ondernemingshoofd aan de ondernemingsraad moet verstrekt worden, heeft als doel:  

    • de werknemers een duidelijk en juist beeld te geven van de toestand, de evolutie en de vooruitzichten van de onderneming; 
    • het verband tussen de gegevens van economische en financiële aard duidelijk te maken; 
    • de werknemers de mogelijkheid geven om de invloed van de economische en financiële gegevens op het beleid van de onderneming, vooral inzake organisatie en tewerkstelling, te begrijpen; 
    • de eigen onderneming te situeren in het ruimer kader van de groep, de sector, de gewestelijke, nationale en internationale economie.   

    Wie overhandigt de informatie, wanneer en hoe? 

    De informatie moet verschaft worden door het ondernemingshoofd of door zijn afgevaardigde die hem bindt, binnen de voorziene termijnen. Ze moet juist en volledig zijn en meegedeeld worden in een begrijpelijke taal, met naleving van de taalwetgeving.

    Zij moeten samenhangend zijn en vergelijkbaar in de tijd.

    De meegedeelde informatie moet het voorwerp uitmaken van een gedachtewisseling, en ze mag niet beperkt worden tot het aflezen van de gegevens.  Tijdens de vergadering mogen de leden aantekeningen maken, om aanvullende inlichtingen verzoeken en vragen stellen.  Bij de bespreking mogen de leden eveneens hun mening kenbaar maken en mogen ze kritiek en voorstellen formuleren.

    De informatie moet plaatsvinden volgens een bepaalde periodiciteit : de basisinformatie wordt verschaft bij het begin van het mandaat van de nieuw opgerichte of vernieuwde ondernemingsraad. Vervolgens zal de jaarlijkse informatie komen, de periodieke informatie (minstens driemaandelijks) en tenslotte de occasionele informatie wanneer er zich bijzondere beslissingen of gebeurtenissen voordoen.

    In de veronderstelling dat de onderneming opgericht is als vennootschap, bepaalt het wetboek van vennootschappen dat specifieke documenten moeten meegedeeld worden aan de vennoten. Deze documenten moeten eveneens overhandigd worden aan de ondernemingsraad.

    Teneinde de continuïteit van de dialoog te verzekeren zal het ondernemingshoofd bij voorkeur onmiddellijk en in ieder geval tijdens de volgende vergadering meedelen welk gevolg hij denkt te geven - of reeds heeft gegeven - aan de vragen, de kritiek, de adviezen en aan de geuite voorstellen of bedenkingen.  

    Op welk niveau moeten de inlichtingen worden verstrekt? 

    De economische en financiële inlichtingen hebben in de eerste plaats betrekking op de technische bedrijfseenheid

    Om de eenheid in haar economische context te situeren, moet deze informatie in voorkomend geval aangevuld worden met inlichtingen over de ruimere entiteit waartoe de onderneming behoort (de juridische entiteit, de economische entiteit of de financiële entiteit) of met inlichtingen over kleinere entiteiten die binnen de technische bedrijfseenheid bestaan (de onderdelen).  

    Ook wanneer de onderneming tot een economisch samenwerkingsverband behoort, moeten hierover inlichtingen ver-strekt worden.    

    Dienstverlenende en non-profit sector

    De reglementering is uitgewerkt met de traditionele industriële onderneming voor ogen. 

    In sommige sectoren en in ‘t bijzonder in de non-profit sector is het moeilijk om de voorschriften naar de letter toe te passen.

    Voor bepaalde sectoren werden derhalve omzendbrieven of aangepaste regelingen uitgewerkt :  

    • De CAO van 18 december 1979 afgesloten in het paritair comité voor het verzekeringswezen, herneemt een speciale regeling inzake inlichtingen te verstrekken aan de ondernemingsraden. (K.B. van 3 juli 1980 (PDF, 344.81 KB) - B.S. van 2 oktober 1980). 
    • Voor andere sectoren is het koninklijk besluit van 27 november 1973 van strikte toepassing, maar werden, na advies van de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven, ministeriële omzendbrieven opgesteld. Deze omzendbrieven verduidelijken bepaalde artikelen teneinde deze aan te passen aan de specificiteit van de sector.   

    De basisinformatie  

    Overhandiging en bespreking: wanneer, hoe? 

    De basisinformatie wordt schriftelijk meegedeeld binnen de twee maanden na de oprichting of de hernieuwing van de ondernemingsraad.

    Bij deze basisinformatie zullen tijdens het mandaat van de ondernemingsraad de jaarlijkse en de periodieke informatie komen en, in voorkomend geval, de occasionele informatie.

    Eens de basisinformatie is meegedeeld, moeten de leden van de ondernemingsraad een termijn van vijftien dagen krijgen vooraleer deze informatie aan bod komt tijdens een vergadering van de ondernemingsraad die gewijd is aan de bespreking van deze basisinformatie.

    In ieder geval moet de vergadering gewijd aan de analyse van de basisinformatie hoogstens twee maanden na de overhandiging plaatsvinden. Met andere woorden, de vergadering zal nooit meer dan vier maanden na de verkiezing of de hernieuwing van de ondernemingsraad kunnen plaatsvinden.

    Opgelet : In de gevallen waarin ofwel de onderneming, ofwel de juridische entiteit waarvan ze deel uitmaakt, opgericht worden in de vorm van een vennootschap, moet het ondernemingshoofd elk document dat werd meegedeeld aan de vennoten, eveneens overhandigen aan de leden van de ondernemingsraad (link hieronder).    

    Inhoud van de basisinformatie 

    De basisinformatie omvat 10 hoofdstukken  (link verborgen pagina) die moeten toelaten de toekomstige jaarlijkse en driemaandelijkse informatie te beoordelen en in het totale gebeuren van de onderneming, de groep en de nationale en internationale economie te plaatsen.  

    1. Het statuut van de onderneming; 
    2. De concurrentiepositie van de onderneming op de markt; 
    3. De productie en de productiviteit; 
    4. De financiële structuur van de onderneming; 
    5. De budgettering en de kostprijsberekening; 
    6. De personeelskosten; 
    7. Het programma en de algemene toekomstverwachtingen van de ondernemingen; 
    8. Het wetenschappelijk onderzoek; 
    9. De overheidshulp van alle aard toegekend aan de onderneming; 
    10. Het organogram van de onderneming.   

    Bij de mededeling van de inlichtingen betreffende het statuut, de financiële structuur van de onderneming en het organigram, moet het ondernemingshoofd de documenten betreffende deze gegevens toevoegen die moeten opgemaakt worden krachtens andere wetten of reglementen.  

    De jaarlijkse informatie

    Doel van de jaarlijkse informatie 

    De mededeling van de jaarlijkse informatie draagt bij tot het aanvullen en het actualiseren van de basisinformatie. Dankzij deze informatie beschikt de ondernemingsraad  over inlichtingen inzake de toestand en de evolutie van de onderneming tijdens het afgelopen jaar. Ze laat toe om de verschillen tussen de vastgelegde doelstellingen en hun effectieve realisatie te herkennen. Deze verschillen moeten verklaard en besproken worden.

    De jaarlijkse informatie omvat eveneens de doelstellingen inzake het volgend jaar en de vooruitzichten voor de komende jaren. Ze heeft dus betrekking op meerdere boekjaren.

    Deze informatie moet de leden van de ondernemingsraad toelaten zich een oordeel te vormen over de financiële stabiliteit van de onderneming en over de aan de werknemers geboden vooruitzichten.  

    Wie overhandigt de informatie: wanneer en hoe? 

    De jaarlijkse informatie moet verstrekt en besproken worden binnen de drie maanden na het afsluiten van het boekjaar. In vennootschappen evenwel moet de vergadering waarop de jaarlijkse informatie wordt besproken, verplicht plaatsvinden voor de algemene vergadering der aandeelhouders die gewijd is aan de goedkeuring van de jaarrekeningen. In dat geval mag de termijn van drie maanden overschreden worden.

    De documenten van de jaarlijkse informatie moeten minstens vijftien dagen voor de datum van de vergadering aan de leden van de ondernemingsraad overgemaakt worden.

    In vennootschappen moet het verslag van de vergadering van de ondernemingsraad meegedeeld worden aan de vennoten tijdens de algemene vergadering.  De leden van de ondernemingsraad bepalen hoe deze verplichting het best kan worden nagekomen.

    Inhoud van de jaarlijkse informatie  

    1. Een geschreven verslag betreffende de bijwerking van de basisinformatie     
    2. De jaarrekeningen    
    3. Het jaarverslag  
    4. Het verslag van de (commissaris-) revisor  
    5. Het verslag inzake de lastenverlaging en andere door de overheid genomen maatregelen  
    6. De geconsolideerde jaarrekeningen van de onderneming 

    De periodieke informatie  

    Doel van de periodieke informatie 

    De periodieke informatie moet de ondernemingsraad in staat stellen de gang van zaken op korte termijn in de onderneming te volgen en zich dus rekenschap te geven van de stand van de verwezenlijking van de eerder vastgelegde doelstellingen.   

    Wie overhandigt de informatie: wanneer en hoe? 

    De periodieke informatie moet ten minste om de drie maanden worden verschaft. Zoals bij de basisinformatie en de jaarlijkse informatie het geval is, moet deze informatie minstens vijftien dagen voor de datum van de vergadering gewijd aan haar analyse, meegedeeld worden.

    De informatie moet meegedeeld en besproken worden door het ondernemingshoofd om vergelijkingen toe te laten met de gegevens die overgemaakt zijn in het kader van de basis- en de jaarlijkse informatie. Ze moet cijfergegevens en de nodige informatieve elementen bevatten om deze te interpreteren.   

    Inhoud van de periodieke informatie 

    De periodieke informatie moet inlichtingen bevatten over het te verwachten verloop van de afzet, de bestellingen, de productie, de kosten en kostprijzen, de voorraden, de productiviteit en de tewerkstelling.

    Daarnaast moet de uitvoering van het programma van de onderneming toegelicht worden.

    Dit houdt in dat over het voorbije kwartaal informatie wordt gegeven over alle aspecten van de activiteit van de onderneming, met:  

    • economische inlichtingen (zoals evolutie van de productie, productiviteit, verkoop, voorraden,...); 
    • financiële gegevens (zoals bijvoorbeeld omzet, kosten, tussentijds resultaat,...); 
    • sociale gegevens (zoals evolutie tewerkstelling, in en uit dienst,...); 
    • uitvoering van de geplande investeringen.   

    Deze inlichtingen over de voorbije periode moeten vergeleken worden met een vorige periode (voorgaande periode of zelfde periode van het vorig jaar) en met het budget.

    Een schriftelijke samenvatting van deze periodieke inlichtingen moet vijftien dagen voor de vergadering aan de leden medegedeeld worden.  Deze samenvatting bevat de cijfergegevens en de nodige elementen om deze te interpreteren.   

    De occasionele informatie 

    Wat meedelen en wanneer? 

    Wanneer zich gebeurtenissen voordoen of beslissingen genomen worden die een belangrijke weerslag kunnen hebben op de onderneming, wordt een occasionele informatie aan de ondernemingsraad  verstrekt, zonder het ogenblik van een vergadering gewijd aan de periodieke informatie af te wachten.  Deze informatie moet zo spoedig mogelijk gebeuren.  Wanneer het een beslissing van het ondernemingshoofd betreft, zal de ondernemingsraad in principe ingelicht worden voor de uitvoering van de beslissing. 

    In ieder geval wordt de ondernemingsraad geïnformeerd voor enige andere bekendmaking.

    De aard van de occasionele informatie wordt niet nauwkeurig omschreven in de reglementering.

    De reglementering vermeldt evenwel verschillende voorbeelden van belangrijke gebeurtenissen : een brand in een productieafdeling, een agressieve overname van het beleid van de onderneming, een plotse daling in de afzet van de producten, onvoorziene moeilijkheden in de bevoorrading van grondstoffen,...

    Wat betreft de belangrijke beslissingen kan bijvoorbeeld de fusie van de onderneming met een andere onderneming vermeld worden.

    In ieder geval moet het gaan om gebeurtenissen of beslissingen met een belangrijke weerslag op het leven van de onderneming.  

    Inhoud van de occasionele informatie

    De mededeling van de gebeurtenis of beslissing moet vergezeld worden van een commentaar, waarbij de mogelijke gevolgen op ontwikkeling van de activiteiten van de onderneming en op de toestand van de werknemers worden toegelicht.  Wanneer de informatie cijfergegevens bevat, wordt een schriftelijke samenvatting aan elk lid van de ondernemingsraad overhandigd.   

    Documenten meegedeeld aan vennoten

    In vennootschappen is het ondernemingshoofd verplicht om aan de ondernemingsraad alle documenten te overhandigen die aan de vennoten worden medegedeeld

    De aard van deze documenten varieert naargelang de juridische vorm van de onderneming.  

     

    Informatie van het personeel en vertrouwelijkheid

    Voorlichting personeel 

    De voorlichting van alle werknemers van de onderneming is de uiteindelijke hoofdbedoeling van de economische en financiële informatie.  De werknemersafgevaardigden in de ondernemingsraad hebben dan ook de plicht om deze werknemers te informeren.  Teneinde deze opdracht naar behoren te vervullen, moeten de werknemersafgevaardigden de mogelijkheid hebben om buiten de vergaderingen van de ondernemingsraad contacten te onderhouden met het personeel.

    Discretieplicht 

    De informatie van het personeel moet wel met de nodige discretie gebeuren.  Het doorgeven van de informatie moet zo gebeuren dat de belangen van de onderneming niet geschaad worden.

    Iedere schriftelijke mededeling aan het personeel door een lid van de ondernemingsraad moet vooraf bij de secretaris van de ondernemingsraad neergelegd worden.

    Vertrouwelijkheid 

    Wanneer in de informatie gevoelige inlichtingen vermeld zijn, waarvan de verspreiding een ernstig nadeel aan de onderneming kan berokkenen, kan het ondernemingshoofd deze inlichtingen als vertrouwelijk bestempelen.  Deze vertrouwelijkheid houdt in dat de inlichtingen op geen enkele manier aan de andere werknemers mogen doorgegeven of doorverteld worden. 

    Het kan hier slechts gaan over welbepaalde inlichtingen en zeker niet over de volledige informatie.  Indien alle inlichtingen als vertrouwelijk worden beschouwd, kunnen de afgevaardigden hun informatietaak immers niet waarmaken.

    De werknemersafgevaardigden kunnen de vertrouwelijkheid van bepaalde inlichtingen betwisten.  Indien hierover binnen de ondernemingsraad een meningsverschil bestaat, moet de voorgeschreven procedure in geval van meningsverschil gevolgd worden. 

    Als de informatie zo vertrouwelijk is dat het ondernemingshoofd zelfs de mededeling ervan aan de ondernemingsraad niet wenselijk acht, kan een afwijking aangevraagd worden.

    Mogelijkheid tot afwijking in de mededeling van inlichtingen aan de ondernemingsraad 

    In welke omstandigheden? 

    Wanneer het verstrekken van een bepaalde inlichting in de voorgeschreven vorm of binnen de opgelegde termijn een nadeel aan de onderneming kan berokkenen, kan het ondernemingshoofd een afwijking aanvragen zodat de betrokken inlichting niet moet meegedeeld worden aan de ondernemingsraad.  

    Dergelijke afwijking kan enkel van toepassing zijn op volgende inlichtingen :  

    • inlichtingen over de distributiemarges; 
    • omzet in absolute waarde en uitsplitsing per onderdeel; 
    • niveau en evolutie van de kost- en verkoopprijzen per eenheid; 
    • verdeling van de kosten per product of per onderdeel; 
    • toekomstverwachtingen: voorgenomen inplanting van nieuwe verkooppunten voor ondernemingen van de distributiesector; 
    • inlichtingen over het wetenschappelijk onderzoek; 
    • resultatenrekening per onderdeel.   

    Procedure 

    Een verzoek tot afwijking kan enkel ingediend worden in het kader van een specifieke procedure.

    Aanvullende informatie 

    Wanneer een afwijking wordt toegestaan op de voorgeschreven vorm van een gegeven informatie, moet aan de ondernemingsraad een aanvullende, maar gelijkwaardige  informatie verstrekt worden.

    Wanneer een afwijking werd toegestaan op de termijn waarbinnen de informatie in beginsel moet verstrekt worden, zal de informatie verstrekt worden na verloop van een andere termijn die het ondernemingshoofd nauwkeurig aangeeft en aan de bevoegde ambtenaar bekendmaakt.  

     

    Aanwezigheid van deskundigen

    Deskundigen kunnen gevraagd worden ofwel voor een bijkomend onderzoek in verband met de medegedeelde gegevens ofwel voor het verstrekken van ophelderingen aan één van de partijen van de ondernemingsraad over bepaalde technische aspecten van de informatie. 

    Deskundigen kunnen, in voorkomend geval, zonder enige formaliteit uitgenodigd worden om deel te nemen aan de voorbereidende vergaderingen.

    Deze deskundigen moeten zich houden aan het beroepsgeheim. 

    De voorwaarden om een beroep te doen op deskundigen tijdens een vergadering van de ondernemingsraad hangen af van het nagestreefde doel :  

    • Deskundige belast met navorsingswerk    

    Wanneer de deskundige belast wordt met studiewerk of onderzoekswerk, moeten beide partijen akkoord zijn.  

    • Deskundige gevraagd om toelichting te verstrekken    

    Wanneer een partij een deskundige wenst uit te nodigen om bepaalde technische aspecten van de informatie te verduidelijken, moet de ondernemingsraad daarvan in kennis gesteld worden.

    De andere partij heeft het recht om de deskundige te wraken.  Wraken houdt een “vetorecht” in en betekent dat men van mening is dat een bepaald persoon ongeschikt of onbevoegd is om als deskundige op te treden.  Tegen het principe zelf dat een externe deskundige aan de vergadering deelneemt, kan men echter geen bezwaar maken.

    Met “partijen” worden hier enerzijds de werkgeversvertegenwoordigers en anderzijds de werknemersvertegenwoordigers bedoeld.

    Dezelfde partij kan slechts tweemaal een deskundige wraken.  Blijft hierna een meningsverschil bestaan, dan moet de procedure inzake meningsverschil gevolgd worden.   

     

    Procedure bij meningsverschil 

    Indien er in de ondernemingsraad een meningsverschil ontstaat over één van de volgende vier punten:  

    • bestaan en afbakening van onderdelen; 
    • vertrouwelijk karakter van bepaalde inlichtingen; 
    • aanwijzing van deskundigen; 
    • verplichting tot sub-consolidatie.  

    is er een specifieke procedure vastgesteld door het koninklijk besluit om dit meningsverschil op te lossen.   

     

    De bedrijfsrevisor

    Toepassingsgebied 

    In iedere onderneming waar een ondernemingsraad werd opgericht, moeten één of meer bedrijfsrevisoren benoemd worden. Alleen de gesubsidieerde onderwijsinstellingen moeten geen bedrijfsrevisor benoemen.

    Benoeming 

    De bedrijfsrevisor wordt benoemd voor een periode van drie jaar, zijn mandaat is hernieuwbaar.

    Bij de benoeming en herbenoeming moet de volgende procedure gevolgd worden:  

    • het bestuursorgaan stelt een kandidaat (eventueel meerdere kandidaten) voor aan de ondernemingsraad; 
    • indien de vennootschap verplicht is om een auditcomité op te richten, wordt het voorstel van het bestuursorgaan uitgebracht op voorstel van het auditcomité ; dit voorstel van het auditcomité wordt ter informatie aan de ondernemingsraad meegedeeld; 
    • de ondernemingsraad beslist met een dubbele meerderheid over de voorgestelde kandidaat: de meerderheid van de stemmen van alle leden van de ondernemingsraad én de meerderheid van de stemmen van de werknemersafgevaardigden is vereist om een kandidaat te aanvaarden; 
    • als de dubbele meerderheid in de ondernemingsraad bereikt wordt, wordt de kandidaat voorgedragen aan de algemene vergadering van de aandeelhouders om over te gaan tot zijn definitieve benoeming; 
    • als de dubbele meerderheid in de ondernemingsraad niet bereikt wordt, als de raad van bestuur geen voorstel uitbrengt of als de algemene vergadering geen kandidaat benoemt, benoemt de voorzitter van de rechtbank van koophandel de revisor op eenvoudig verzoek van elke belanghebbende partij; 
    • als de ondernemingsraad niet geraadpleegd werd, wordt de benoeming van de algemene vergadering uitgevoerd door de voorzitter van de rechtbank van koophandel.  

    In een vennootschap waar een commissaris moet worden aangesteld, wordt de taak van bedrijfsrevisor door deze commissaris uitgeoefend.

    Het bedrag van de bezoldiging van de revisor wordt ter informatie aan de ondernemingsraad meegedeeld. Indien de meerderheid van de werknemersafgevaardigden hierom verzoekt, moet de revisor eveneens een raming voorleggen van het volume van de prestaties die nodig zijn voor de vervulling van zijn opdracht.

    Iedere ondernemingsraad mag vrij een akkoord sluiten over het concrete verloop van de benoemingsprocedure, op voorwaarde dat dit akkoord wordt vastgesteld bij proces-verbaal tenminste drie maanden voor de dag waarop de benoeming moet gebeuren.

    Ontslag  

    De bedrijfsrevisor kan in de loop van zijn mandaat slechts worden ontslagen door de algemene vergadering voor een wettelijke reden en op voorstel of op eensluidend advies van de ondernemingsraad die beslist bij meerderheid van de stemmen uitgebracht door zijn leden en bij meerderheid van de stemmen uitgebracht door de leden benoemd door de werknemers.

    Indien de bedrijfsrevisor zelf ontslag indient, moet hij de ondernemingsraad schriftelijk kennis geven van de redenen van zijn ontslag.

    Taken van de bedrijfsrevisor

    De taken van de bedrijfsrevisor ten opzichte van de ondernemingsraad bestaan uit vier categorieën :  

    Normen betreffende de opdracht van de bedrijfsrevisor

    De Raad van het Instituut der Bedrijfsrevisoren heeft normen goedgekeurd die de opdracht van de revisor regelen.

    Tussen deze normen staat een hoofdstuk betreffende de relaties die de bedrijfsrevisor onderhoudt met de ondernemingsraad.

    Andere taken van economische en financiële aard

    Naast de informatieve taak die door of krachtens de wet van 20 september 1948 aan de ondernemingsraad wordt toegekend inzake economische en financiële onderwerpen, een taak zoals hierboven uiteengezet, belasten andere reglementeringen de ondernemingsraad met een informatieve taak inzake materies van economische of financiële aard.

    Op federaal niveau kan men zo de rol van de ondernemingsraad onthouden inzake :